
Bruidspaar Nico van Berkel en Betsie Waanders met burgemeester Joost van Oostrum. Foto: Rob Weeber
Nico en Betsie al zestig jaar ‘samen vrolijk vedan’
Algemeen NeedeRIETMOLEN - ‘Vedan’ is het woord dat staat voor de instelling van het 60-jarig bruidspaar Van Berkel-Waanders uit Rietmolen, gewoon doorgaan. Alleen zo bereik je die hogere huwelijkse staat. Voor Betsie Waanders (79) was dat woord niets bijzonders. Zij is immers afkomstig uit Haaksbergen en beheerst het dialect. Haar man Nico Van Berkel (81) daarentegen is een geboren Haarlemmer, een zogenaamde ‘Haarlemse mug’, en hij moest zich het begrip nog eigen maken. Na vele omzwervingen in ons land, belandden ze uiteindelijk in Rietmolen, de plek waar destijds het Olland ‘in de steigers’ stond.
Door Rob Weeber
Nico komt uit een echt arbeidersgezin, zijn vader was kolensjouwer en later taxichauffeur voor gehandicapten. Niet zo verwonderlijk dus dat Nico als oudste van zeven kinderen al vroeg uit werken moest. Met zijn 14de begon hij in de machinefabriek en na vier jaar behaalde hij zijn diploma voor metaaldraaier. In 1961, hij was toen 18 jaar, stapte hij over naar Defensie. Hij was het werken in de fabriek beu.
Een jaar later, nog tijdens zijn opleiding, ontmoette hij Betsie op een dansavond in de wijk Berg en Bos in Apeldoorn, waar zij op vakantie was. Na twee jaar verkering huwde het stel. Een vaste woonplek zat er voorlopig niet in, want zijn nieuwe baan liet hem kennismaken met vele steden. “We verhuisden iedere drie jaar naar een andere plaats, zoals Apeldoorn, Baarn, IJmuiden, Haarlem en Den Haag. Dat was best pittig, vooral voor Betsie. Zij maakte niet zo makkelijk contact met nieuwe buren, maar gelukkig is ze steeds meegegaan, anders had het niet gekund.”
Naoberschap groot goed
Met 55 jaar mocht Nico met pensioen. Ze besloten toen om naar de Achterhoek te gaan, waar hun dochter al woonde. Vanuit daar reisden ze nog ieder maand een keer naar Den Helder, waar hun gehandicapte zoon verzorgd werd. “Gelukkig kreeg hij tien jaar terug een plek in Aalten, zodat we niet meer zover hoeven te reizen.” De komst naar de Achterhoek voelde al snel als thuiskomen. “Een groot goed in de Achterhoek is het naoberschap,’ geeft Nico aan. Je overloopt elkaar als buren niet, maar er is wel contact. Ik zeg altijd dat er maar één Haarlemmer Hout is, maar wel 100 houten Haarlemmers. Je had daar nauwelijks contact met je buren.”
Betsie leerde na de lagere school door voor modinette, confectienaaister, een vaardigheid die het gezin goed uitkwam. Daarnaast volleybalde ze tot haar 60ste, was ze achttien jaar lid van het zangkoor ‘De FliereFluiters’ in Haaksbergen en deed ze veel aan bloemschikken. Nico’s passie was vooral muziek maken, op de bes-bas en de sousafoon. Hij begon op z’n 11de met klarinet en accordeon, maar stapte over op de bes-bas. Het laatst speelde hij bij Muziekvereniging Amicitia in Rietmolen.
Het echtpaar kreeg drie kinderen en heeft vier kleinkinderen.









