Eibergen neemt afscheid van een van zijn beste voetballers en van een markante persoonlijkheid, Gé Scholten. Foto: PR
Eibergen neemt afscheid van een van zijn beste voetballers en van een markante persoonlijkheid, Gé Scholten. Foto: PR

Gé Scholten in memoriam

Algemeen Eibergen

De naam Scholten speelt op diverse momenten in mijn leven een grote rol. Thuis werd met zekere regelmaat en vol trots door mijn vader gesproken over het geweldige kampioenselftal van 1938, met grote namen als Stoffer Izaks, Johan Blankvoort, Johan Bentzink, Henk Scholten en vader zelf natuurlijk. Scholten zou al gauw een andere betekenis voor mij krijgen. Bij hem mocht ik, onder begeleiding van oudste broer Baasje mijn eerste voetbalschoenen passen. De doos met Quick-schoenen maat 40 stond boven op de mand met sinterklaascadeaus in 1964.

Pas twee maanden later, februari 1965, toen ik 10 werd, mocht ik lid worden van Eibergse Boys, en Baasje nam mij mee naar alle wedstrijden en ook naar zijn eigen trainingen bij het vijfde elftal.

Zo mocht ik in datzelfde jaar, juni 1965 met hem mee naar een beslissingswedstrijd om het kampioenschap van de A-jeugd in de regionale hoofdklasse op het veld van VV Grol. Een heel bijzondere avondwedstrijd die eindigde met verlies en een gigantisch onweer. Ik was een soort ballenjongen die voortdurend bezig was de ballen uit een parallel lopende sloot te halen. De midvoor, Gé Scholten ging dat amper vlot genoeg; ‘scheet noo toch es op jong’. Vreemd genoeg wisten we ons dat moment in 2017 (toen we regelmatig contact hadden in verband met de samenstelling van een boek ter ere van het honderdjarig bestaan van FC Eibergen) nog exact voor de geest te halen.

Ondanks het verlies van die beslissingswedstrijd gingen zeven spelers van dat juniorenelftal over naar het Eerste, waaronder de nog maar 15-jarige Gé. Alle zondagmiddagen gingen we met het hele gezin kijken, uit en thuis. Gé was een geweldige voetballer met veel snelheid, een enorm schot en dito sprongkracht. Samen met Bennie Penterman en iets later Wim kluivers, en Gerritjan Schut, beschikte Eibergse Boys over bijna-eredivisiewaardige voetballers; bijna.

Jaren later, 1971, Gé nog steeds in het eerste, ik inmiddels A-junior, stonden we opeens samen bij de bushalte in Haaksbergen. Naast ons klapte met een harde knal een jongedame op de trottoirtegels, met schuddende ledematen en schuim op de mond. Epileptische aanval, maar Gé noch ik hadden enig benul wat te doen. Gé trok zijn trenchcoat uit en legde die over haar heen. Gelukkig kwam er snel hulp van iemand die wel wist wat te doen in zo’n situatie. Ook dit is ons heel lang bijgebleven.
In december 1971 zat ik in de stationsrestauratie te Enschede te wachten op de komst van mijn zus, met de trein uit Rotterdam. Naast mij kwam een man zitten met een been in het gips met wie ik al gauw aan de praat kwam over voetbal. Het was de beroemde, maar vooral beruchte middenvelder van FC Twente, Eddy Achterberg. Hij vertelde mij dat er serieuze belangstelling was van FC Twente voor een voetballer uit het door mij genoemde dorp Eibergen: Gé dus.

Af en toe voetbalde ik met hem op de speelweide van zwembad ’t Vinkennest, of was hij mijn tegenstander op het jaarlijkse kersttafeltennistoernooi in de Huve. We wisten allebei dat het niet uitmaakte wie van ons naar de halve finale ging, omdat we daar toch genadeloos zouden worden ingemaakt door Eddy Leuverink of zijn vriend Wim Kluivers (jarenlang winnaar van dit toernooi met zijn eigenaardige penhoudergreep).

Lange tijd niets meer van Gé gehoord, totdat ik in 1986 vanuit Rekken naar Enschede carpoolde met zijn broer Wim. Ook zag ik Gé met enige regelmaat in de buurt van onze boerderij ‘reeën kijken’. Weer veel later, zo rond 2016, kwamen we weer regelmatig met elkaar in contact vanwege onze gezamenlijke belangstelling voor de historie van Eibergen en de Boys in het bijzonder.

Een rustige, enigszins beschouwende, nooit oordelende, warme persoonlijkheid. Geen kapsones, altijd belangstellend naar de ander. Iemand met een fenomenaal geheugen in combinatie met een indrukwekkende fotoverzameling.

De rottigheid van doodgaan is dat al de kennis en al wat in iemands geheugen zit, van de ene op de andere seconde weg is. Ook FC Eibergen zal het zonder zijn parate kennis moeten doen en vooral zonder zijn innemende persoonlijkheid. Behalve het voetballen van pakweg vijfhonderd wedstrijden en zestig jaar lidmaatschap is hij tot aan zijn einde actief gebleven voor FC Eibergen.

Eibergen neemt afscheid van een van zijn beste voetballers en van een markante persoonlijkheid.

Gé,

Wij laten je prachtige voetballichaam los.

Als een boom, ontworteld in het grote mensenbos

Goodgaon!

Wolter Odink, Eibergen

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant