
De acanthus heet hier ‘Bärenklau’
GrensnieuwsSPORK/BREEDENBROEK – “Sie haben ja schönes Wetter mitgebracht”, zegt de vrouw achter de kassa van Gut Heidefeld in het dorp Spork (tussen Bocholt en Dinxperlo), dat deze zondag de tuin heeft opengesteld. Dat doen ze drie keer per jaar samen met nog een Duitse tuin (in Rees) en een paar aan de Nederlandse kant van de grens. “Bitte sehr”, antwoorden wij, “das Wetter aus dem Achterhoek.”
Door Sander Grootendorst
Grapje natuurlijk, een landsgrens heeft geen invloed op het weer. “Het is vandaag echt de eerste mooie dag, we hebben geluk”, zegt de vrouw. “Ik had helemaal genoeg van regen en kou, Sie auch?” Ze neemt het entreegeld aan en vertelt over de tuin annex park, die weliswaar ingeklemd zit in een woonwijk, maar veel ruimte ademt, hij lijkt groter dan de 1,25 hectare die hij officieel omvat. Dat komt op de eerste plaats door de inrichting. Een idyllisch bruggetje over een beek, een tuinhuis alias uitkijkpost, een kleine waterval, een orangerie. Het past er allemaal in. Niet te vergeten al die bankjes waar je op kunt zitten, in de bij deze weersomstandigheden aangename schaduw. “Einfach herrlich”, hoor je een echtpaar constateren. Een jongen langs het water had specifiekere interesse: “Papa, ich sehe eine Libelle!” En vader wijst zijn zoon op een kever die over het water kan lopen.
Twee vrouwen zijn duidelijk voor de planten gekomen, ze wezen elkaar op de fraai in bloei staande ‘Bärenklau’; in Nederland noemen we die acanthus. De beide talen hebben veel weg van elkaar, maar planten- en dierennamen kunnen behoorlijk uiteenlopen. Meeliftend met de warmte had een kolibrievlinder zich naar Gut Heidefeld gespoed. Een grote nachtvlinder die razendsnel met zijn vleugels beweegt en als een kolibrie voor de bloemen in de lucht blijft hangen. Met zijn lange tong zuigt hij nectar op. In het Duits zeggen ze ‘Taubenschwänzchen’ tegen deze soort: duivenstaartje. Weer wat geleerd.
Er is aardig wat publiek in de tuin en wandelenderwijs kun je je kennis van het Duits vergroten. “Möchtest du den Hasen streicheln?” vraagt een moeder aan haar dochter van een jaar of vijf. Ze doelt op een aaibaar flink formaat haasmodel met een vacht van gras. “Het gras is niet echt, het is kunstgras”, meldt het jongere broertje. Toch strijken beiden liefkozend met hun hand over het zachte dier.
Voor de gelegenheid is het deel van Gut Heidefeld opengesteld dat normaliter privé wordt uitgebruikt. Een imposante rode beuk bepaalt het beeld, die stond hier lang voordat de huidige eigenaren, de familie Ostermann, in 2010 het terrein gingen omvormden tot de groene oase die het nu is.
Af is het natuurlijk nooit. Zes tuinlieden zorgen voor het onderhoud, vertelt de vrouw bij de kassa. “En verder steunt het Gut op vrijwilligers, waarvan ik er zelf ook een ben.”
Rozen
Het is van Spork maar tien autominuten naar een andere deelnemer aan de opentuinendag, landschapstuin ’t Meihuus bij Breedenbroek. Ander land, andere sfeer, maar dezelfde zorgzaamheid voor het groen. Zoals Nederlanders Gut Heidenhof weten te vinden, komen Duitsers een kijkje nemen in ’t Meihof. Ze zijn in beide gevallen veruit in de minderheid, maar toch: “Noch mal kurz die Rose riechen”, klinkt het in de Breedenbroekse rozenhof. ‘Schauen’ geeft ook al voldoening: een prachtige oranjeroze roos is het. Ook hier is een boom de grote baas: een eik van twee eeuwen oud. Aan idyllische zitplekjes is evenmin gebrek. En: zien we daar niet weer een bloeiende acanthus?
Spannend is het stuk dat vol inheemse platen staat, zoals rolklaver en gagel. Een bezoekster omschrijft het als “het wilde westen”. Boven en langs de vijver dansen de libellen; een bezoekster met camera probeert ze voor de lens te krijgen. In 2019 verkoos Groei & Bloei ‘t Meihuus, dat 1,5 hectare beslaat, tot ‘beste levende tuin van Nederland’. Je kunt je voorstellen waarom.
Moeiteloos zou je zowel in Spork al Breedenbroek uren kunnen doorbrengen. En dat terwijl er nog meer deelnemers aan de open-tuinenzondag zijn: even verderop een tweede in Breedenbroek, twee in Mechelen (waaronder Landfort) en een in het Duitse Rees. Daar moeten we de volgende keer dan maar naartoe. De open-tuinendagan aan weerszijden van de grens worden vier keer per jaar gehouden. Zondag 29 september is de volgende gelegenheid.









