Bram Boom anno 2023. Foto: Jos Wessels
Bram Boom anno 2023. Foto: Jos Wessels

Watersnoodramp: beleefd door een Achterhoekse jongen

Natuur Bredevoort

BREDEVOORT - Het is de nacht van 31 januari op 1 februari 1953, vandaag 70 jaar geleden. Bram Boom, dan 8 jaar oud, slaapt op zolder bij zijn opa en oma in Vlissingen. Dan wordt hij wakker gemaakt door zijn moeder. Met een kaars, want de stroom is uitgevallen. Hij moet meteen mee naar de woonkamer want zeewater stroomt beneden naar binnen. Buiten loeit de noordwester orkaan om het huis met windkracht 10. Maar het meeste indruk op Bram maken de kerkklokken die luiden, midden in de nacht.

Door Jos Wessels

Brams moeder Rie Boom komt van geboorte uit Vlissingen. Zij is weduwe. Eind januari zijn opa en oma jarig, daarom gaat zij daar altijd een paar dagen logeren. Een van haar zoons, Bram of Johan, mag dan mee. In 1953 is Bram aan de beurt. Opa de Wolf heeft een goed lopende brood- en banketbakkerij in de Gravenstraat. De bakkerij is op de begane grond. De familie woont voornamelijk op de eerste verdieping. Op zolder zijn slaapkamers waar Bram dus sliep.

Zwaar weer
Het is al dagenlang stormachtig weer. Eén dag eerder is Rie met Bram op familiebezoek geweest in Sluis. Dat ligt in Zeeuws Vlaanderen en daarvoor moet de Westerschelde worden overgestoken met de veerboot naar Breskens. Bram herinnert zich dat mannen de auto’s en vrachtwagens op de boot vastleggen met kettingen om te voorkomen dat zij overboord slaan. Het water slaat hoog tegen de boulevard. Maar die dag gaat alles nog goed.

Als Bram die nacht op de eerste verdieping komt, is alles in rep en roer. Opa en moeder plonzen in de bakkerij beneden door het ijskoude water om te redden wat er te redden valt. Brood, beschuit en bakmeel worden boven op de ovens gestapeld. Ook wordt veel voedsel naar boven gebracht om te overleven. Uiteindelijk stijgt het waterniveau tot 2.10 meter. “We hebben geluk gehad”, zegt Bram Boom. “Vlissingen ligt op het eiland Walcheren, relatief hoog. Elders in Zeeland is het grondpeil veel lager waardoor er veel meer doden te betreuren waren.”
Bram is niet bang. “Het overkomt je”, zegt hij. “Je hebt geen tijd om na te denken, je weet niet wat er staat te gebeuren.”
Als het dag wordt, is het zondag 1 februari. De familie leeft op de eerste verdieping. De storm loeit de hele dag op orkaankracht. Pas na een paar dagen zakt het water. “Het was er verschrikkelijk”, zegt Bram. Overal drijfhout, meubels en alles wat uit de huizen op straat is gestroomd. Het ergst is de stank. De inhoud van toiletten en beerputten is ook de straat op gestroomd. Door de Sint Jacobsstraat zwemmen de paarden van de kolenboer. De hulpverlening komt nu op gang. Militairen, burgers, vrijwilligers uit het hele land komen helpen om op te ruimen, schoon te maken en de eerste reparaties te verrichten.

Ook de familie De Wolf neemt de schade op. De ovens en bakmachines zijn door het zout aangetast en kunnen weggegooid worden. Op de muren kan tot 2.10 meter hoogte jarenlang geen behang of verf worden aangebracht, zo heeft het zoute water ingevreten. Bram en zijn moeder moeten voorlopig bij oma en opa blijven. Alle verbindingen met het vasteland zijn weggeslagen. Om terug naar de Achterhoek te kunnen, moet de omweg over Zeeuws Vlaanderen en België worden gemaakt. Maar Rie en Bram hebben geen paspoorten. In 1953 is de overheid nog zo bureaucratisch dat zelfs watervluchtelingen geen vrije doorgang krijgen. Pas na een maand zijn noodpaspoorten gereed. Daarna gaan ze met de veerboot naar Breskens, met de bus naar Antwerpen en dan met de trein naar Bergen op Zoom. En dan verder met de trein naar de Achterhoek. Terug in Bredevoort hoort Bram dat er in de klas dagenlang voor hem is gebeden. Men wist natuurlijk niet of hij en zijn moeder het hadden overleefd. “Waarom ben je daar niet gaan schaatsen?”, vroegen zijn klasgenoten, want kort na de ramp begon het te vriezen. “Zij wisten hier niet dat zout water niet bevriest”, zegt Bram.

Bram Boom nu
Later was Bram Boom eigenaar van de Spar supermarkt in Bredevoort met een grote klantenkring in Bredevoort, Miste en Woold. Nu is hij 78 jaar en al jaren met pensioen. Hij woont in een mooi huis op de grens van Bredevoort en Miste. De Watersnoodramp van 1953 is hij nooit vergeten. Hij koestert de foto’s en herinneringen, en Vlissingen heeft nog steeds een warm plekje in zijn hart.

>>IN KADER<<

De Watersnoodramp in getallen

De Watersnoodramp van 1953 werd veroorzaakt door een dagenlange noordwesterstorm die met windkracht 10 op de kust van Zeeland en Zuid Holland beukte. Dit in combinatie met springvloed (extra hoge vloed). De dijken waren toen in slechte staat. Er waren 150 dijkdoorbraken. 1.836 mensen lieten het leven. Ook 47.000 stuks vee verdronk. Er moesten 72.000 mensen worden geëvacueerd. 4.300 huizen werden verwoest en 43.000 woningen beschadigd. 150.000 ha grond kwam onder zeewater te staan wat grote schade veroorzaakte aan de landbouw en de infrastructuur. De schade is later becijferd op 1,5 miljard gulden, wat overeenkomst met 5,5 miljard euro.

Hulpverlening komt op gang. In de cirkel de woning van de familie De Wolf.
Paarden in de Sint Jacobsstraat Vlissingen.
Bakkerskarren en personeel van bakkerij De Wolf in Vlissingen. Voor de kar staan Bram en Johan Boom. Deze foto’s zijn uit het privé bezit van Bram Boom.
Hoge golven slaan tegen de boulevard.
De woning van opa en oma de Wolf.