Sander Grootendorst. Foto: Frank Mossink
Sander Grootendorst. Foto: Frank Mossink

De Mooiste Gezichten van Zutphen

Algemeen Zutphen

In Zutphen begon fotograaf Frank Mossink ruim drie jaar geleden met het portretteren van opvallende stadsgenoten. Zijn fascinatie voor portretten deelde hij op social media, waar het snel aansloeg bij een breed publiek. Eind 2023 vierde Mossink zijn 100e portret, en vanaf 2024 is de serie te bewonderen in Contact Zutphen-Warnsveld.

Door Frank Mossink

Het Mooiste Gezicht van deze week groeide op tussen twee werelden. Zijn eerste jaren bracht hij door in Amsterdam, maar toen zijn vader werk kreeg bij de KEMA verhuisde het gezin naar Duiven, destijds nog een klein dorp onder de rook van Arnhem. Als kind beleefde hij die overgang nauwelijks bewust, maar later, in zijn puberteit, vroeg hij zich soms af wat hij daar eigenlijk deed, zo ver weg van de hoofdstad. Toch draaide dat gevoel uiteindelijk volledig om. Inmiddels voelt hij zich juist diep verbonden met de regio waar hij al het grootste deel van zijn leven woont en werkt. Vanuit Duiven reisde hij dagelijks naar school in Arnhem. Eerst naar de montessorischool, later naar het gymnasium. Twee bussen, drie kwartier onderweg, in een tijd waarin de strippenkaart nog niet eens bestond. Tegenwoordig bijna ondenkbaar, maar toen kende iedereen elkaar en voelde het veilig. Die schooltijd vormde hem meer dan hij toen besefte.

Eigenlijk wilde hij bioloog worden. Zijn moeder kende alle vogelgeluiden uit haar hoofd en bracht die liefde voor de natuur ongemerkt over op het gezin. Maar op school bleek dat talen hem nog beter lagen. Vooral één docent maakte diepe indruk: zijn leraar Grieks. Geen afstandelijke gymnasiumdocent, maar een bijna hippieachtige man die op gelijke hoogte met zijn leerlingen stond en prachtig kon vertellen over taal, verhalen en betekenis. Het wakkerde iets aan wat nooit meer verdween. Sander ging Duitse taal- en letterkunde studeren in Nijmegen en ontdekte dat schrijven misschien wel de perfecte manier was om al zijn interesses samen te brengen. 

Werken als journalist kwam echter niet via een doordacht plan, maar bijna toevallig op zijn pad. In het ouderlijk huis zag hij een advertentie voor een correspondent bij een plaatselijk krantje. Hij twijfelde, ijsbeerde door de kamer en besloot uiteindelijk te bellen. Dat telefoontje veranderde zijn leven. Niet veel later werkte hij voor regionale kranten als de Graafschapbode en het Gelders Dagblad. Eerst in vaste dienst, later, op advies van zijn toenmalige adjunct-hoofdredacteur Rob Krabben uit Warnsveld, als freelancer. Die overstap gaf hem precies wat hij nodig had: vrijheid. Geen eindeloze vergaderingen meer, maar ruimte om echt verhalen te maken. Soms stond hij om zes uur ’s ochtends al buiten omdat de vogels zongen, schreef hij voor acht uur een stuk en had hij de rest van de dag vrij. Dat ritme paste hem veel beter dan hele dagen op kantoor zitten. 

Wat hem typeert als journalist is zijn nieuwsgierigheid. Hij kan enthousiast raken van een kunstenaar, een gemeenteraadslid, een muziekfestival of iemand die een Spitfire aan het nabouwen is. Alles wordt interessant zodra iemand ergens bevlogen over vertelt. Juist daarom voelt hij zich zo thuis in de regionale journalistiek. Volgens hem gebeurt er in de Achterhoek en rond Zutphen ongelooflijk veel moois dat vaak onderbelicht blijft. 

Daarnaast loopt poëzie als een rode draad door zijn leven. Sinds zijn dertiende schrijft hij dagboeken. Eerst geïnspireerd door Tolstoj, die hij in de boekenkast van zijn ouders vond, later steeds meer vanuit zichzelf. Poëzie ziet hij als een andere manier van onderzoeken dan journalistiek. “Waar een krantenartikel de feiten ordent, probeert een gedicht juist iets voelbaar te maken.” Inmiddels is hij zelfs dichter des Achterhoeks en prijkt een van zijn gedichten groot op een muur in Zutphen. 

Ondanks alle veranderingen in de mediawereld blijft hij geloven in de kracht van echte verhalen. Hij ziet hoe online journalistiek steeds vaker draait om clicks, snelle koppen en sensatie, maar zelf zoekt hij liever nuance, aandacht en menselijkheid. Misschien juist daarom blijft hij zo gedreven. Op zijn 68e denkt hij nog lang niet aan stoppen. Zolang hij nieuwsgierig blijft, wil hij doorgaan met schrijven, observeren en zich verwonderen. En dat doet hij nog elke dag: fietsend door de regio, luisterend naar vogels, concerten bezoekend en pratend met mensen. Altijd op zoek naar dat ene verhaal dat laat zien hoe bijzonder gewone mensen eigenlijk zijn. 

Vandaag is hij zelf dat bijzondere mens dat beslist niet mocht ontbreken in deze serie: de enige echte Sander Grootendorst. 


www.fotofrank.nl

Facebook ‘Frank Mossink’

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant