
Op inspectie in het natuurgebied: vlnr Van Bernd Garvert (hoofd van de afdeling natuur en milieu van het district Borken,) Stefan Kranz (vertegenwoordiger van de regionale natuurbeschermingsdienst van het district) en burgemeester Patrick Voßkamp van Heiden. Foto: Kreis Borken
Borken helpt de biodiversiteit een handje
GrensnieuwsHEIDEN – Waar ooit bomen stonden, is het nu kaal. En dat was ook precies de bedoeling. De boomkap in natuurgebied Kranenmeer nabij het dorp Heiden was een noodzakelijke onderhoudsmaatregel om de drijvende waterweegbree, een zeldzame plantensoort, te behouden en te beschermen. Daarmee behoudt het gebied zijn belangrijke functie voor de biodiversiteit, want ook andere zeldzame dier- en plantensoorten profiteren.
Door Sander Grootendorst
Het bijna vier hectare omvattende Kranenmeer is een van de oudste in het district Borken. Het gebied, ten zuidoosten van de stad Borken, geniet bescherming sinds 1950. Het zal zich nu naar verwachting snel herstellen, zegt Stefan Kranz, vertegenwoordiger van de regionale natuurbeschermingsdienst. Hij bezocht de locatie eerder deze week samen met Bernd Garvert, hoofd van de afdeling natuur en milieu en directeur van de stichting Cultureel Landschap Borken, en de burgemeester van Heiden, Patrick Voßkamp. Het Kranenmeer is óók een belangrijk knooppunt voor fietstoerisme in Borken. “Wie ontspanning zoekt, vindt hier zijn of haar plek”, aldus Voßkamp.
Uit onderzoek bleek dat het Kranenmeer, in feite een groot formaat vijver, in slechte staat verkeerde en dat het water sterk eutroof (rijk aan voedingsstoffen) was. Voedselarme wateren zijn van groot belang voor de natuurlijke variatie. “Maar ze zijn zeldzaam”, weet Garvert.
Op de bodem van het Kranenmeer had zich organisch materiaal opgehoopt door vallende bladeren van de struiken in het gebied. De drijvende waterweegbree is echter afhankelijk van schrale, voedselarme habitats, waardoor de vijver zijn belangrijke functie binnen het beschermde gebied als habitat voor zeldzame planten en als paaigebied voor de heikikker, poelkikker en kamsalamander niet langer kon vervullen. Omdat er in de omgeving talrijke voedselrijke wateren beschikbaar zijn, kunnen andere soorten deze als alternatieve habitats gebruiken, aldus Garvert.
Uitgebaggerd
Tussen november 2025 en februari 2026 zijn uitgebreide maatregelen genomen om de aanvoer van bladeren, naalden en organisch materiaal op duurzame wijze te verminderen. Tegelijkertijd is het meer uitgebaggerd over een oppervlakte van circa 3.700 vierkante meter. In totaal is ongeveer 800 kubieke meter sediment verwijderd, waarbij de slibafzettingen op de bodem van het meer tot een diepte van circa 15 tot 20 centimeter zijn afgegraven. Het verwijderde materiaal is in nauwe samenwerking met de Kamer van Landbouw in Borken professioneel verspreid over een nabijgelegen landbouwgebied. In de toekomst blijft circa 0,8 hectare van het gebied permanent open en vrij van bomen en struiken.
In overleg met het Rijksbosbouw- en Houtagentschap van Noordrijn-Westfalen is herbebossing gepland voor de gekapte gebieden om te voldoen aan de bosbouwvoorschriften. Op een oppervlakte van circa 0,63 hectare zijn al zo’n 3.500 nieuwe bomen en struiken geplant, waaronder meidoorn, hondsroos, sleedoorn, hazelaar, duindoorn en haagbeuk.
Daarnaast is een houten hek van circa 120 meter lang geplaatst om bezoekers langs het pad door het recreatiegebied te leiden en tegelijkertijd de kwetsbare oever te beschermen tegen verstoring. Ook is er een terrasvormige bosrand aangelegd.
De totale kosten van 27.000 euro werden onttrokken aan een speciaal potje voor het behoud en herstel van ‘Atlantische zandlandschappen’. Financierder is de Europese Unie.







