Ankh Gussinklo draagt voor op de Klevenhorst in Hummelo. Foto: Sander Grootendorst

Ankh Gussinklo draagt voor op de Klevenhorst in Hummelo. Foto: Sander Grootendorst

Herinnering aan de blijdschap over ‘Schengen’

Grensnieuws

HUMMELO/IJZERLO – IJzerlo bij Aalten, geboorteplaats van Ank Gussinklo, ligt vlak bij de Duitse grens, iets meer dan een kwartier wandelen. Hoe verder weg je van die grens woont, hoe moeilijker je je het kunt voorstellen wat die versperring voor bijvoorbeeld de IJzerloërs betekende toen de Europese binnengrenzen nog niet waren geopend, dus vóór 1993, toen het Verdrag van Schengen van kracht werd: er ging een wereld voor je open.

Door Sander Grootendorst

Des te jammerlijker dat het nu weer actueel is, zei Gussinklo (78) zondag in Hummelo, waar ze voordroeg uit eigen werk. Ze is in de Achterhoek bekend als streektaaldichter. In etablissement De Klevenhorst, sfeervol rustpunt voor wandelaars en fietsers in een voormalige boerderij, las ze voor een select, aandachtig publiek onder meer het gedicht Grune Grenze. Waarin ze zich herinnert hoezeer ‘Schengen’ haar destijds verheugde. Het voelde alsog een “nieuwe tijd” was aangebroken. De Weltschmerz die ze tot dan toe had ervaren door de schijnbaar willekeurige streep die door je eigen barrière leefomgeving wordt getrokken, eindelijk verzacht. “Er valt een wereld te winnen wanneer volkeren zich met elkaar willen verbinden.”

Door de vorig jaar ingevoerde verscherpte controles die tot doel hebben illegale migranten bij de grens tegen te houden, is de barrière weer opgeworpen. Sinds ‘Schengen’ was het grensverkeer – sociaal, cultureel, economisch – in de regio’s aan weerszijden sterk verlevendigd, de afstand, die er in letterlijke zin nooit was, is in figuurlijke zin verdwenen. De omstreden controles gooien behoorlijk roet in het eten, de Weltschmerz neemt weer toe. Oud-burgemeester Joris Bengevoord van Winterswijk stelde dat Berlijn en Den Haag ‘symboolpolitiek’ bedrijven zonder rekening te houden met de gevolgen voor de regio’s waar die grenzen zich bevinden.

Gussinklo’s schrijft in het Aaltens dialect, een taal waarmee ze aan de andere kant van de grenspaaltjes aldaar geen enkele moeite hebben, integendeel: ze spreken er ongeveer hetzelfde Platt.

Grune Grenze

Een stief kwartierken gangs van huus
lig al sinds mensenheugenis ‘t Duutse Bos
waor ‘k mi-j in ‘t ochtenduur mangs heer laot neugen.

‘t Lieve en het krange, de träöne op de wangen,
de zorg van alle dag en dröktes, liedjes van verlangen
– wat dan ok – ik streui ze langs mien wandelpad.

De gruunbemoste päöle as monumentjes
een endjen uut mekare – genummerd en wal –
van hot naor haar nog wat geroesterd prikkeldraod:
het raakt iets binnen in mi-j wat ‘t herinneren bewaakt.

Tegelieke mek het ok gewag van een verdrag dat steet
te boek as Schengen en ‘t heugt mi-j nog hoe bli-j ik was
‘t koester’n as de brenger van een ni-jen tied.

Het stilt iets van de Weltschmerz wiet zolange
onzen ummegang versperren, ‘t vertolkt hier her en der
wat in de sterren steet eschreven, dat d’r een wereld völt
te winnen wanneer zich volkeren verbinden wilt.

Grune Grenze: veur onzer-ene hier
paar honderd meter lopen, hemelsbreed.
Stippe an de horizönne veur wiet het
water hoge an de lippen steet.

Het gedicht is in 2023 gepubliceerd in de jaarlijkse uitgave Flonkergood van Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers.
De voordracht vond plaats in het kader van Rondje Kunst Hummelo Keppel.


Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant