
Adriaan van Dis over roman ‘Alles voor de reis’:
Maatschappij‘Ik vertel veel, maar vertel ook veel niet.’
Door Ria Tuenter
VARSSEVELD - Afgelopen zondag was schrijver Adriaan van Dis, op uitnodiging van boekhandel Rutgers te gast in de Grote Kerk in Varsseveld. Hij werd geïnterviewd door Joyce de Schepper over zijn laatste boek ‘Alles voor de reis’. Een aangrijpende en poëtische roman over afscheid nemen van een grote, gedeelde liefde tijdens haar laatste levensfase.
Als er zondagmiddag één ding duidelijk wordt, is dat Van Dis verdriet heeft. Hij mist zijn grote liefde Eefje (Ellen Jens, RT) die november 2023 overleed. Bijna 38 jaar deelde hij haar met ‘de Ander’ (Wim T. Schippers, RT). Een driehoeksverhouding die al die jaren een publiek geheim was, maar waar hij nooit over schreef. Tot hij na haar overlijden het zwijgen verbrak.
“Ik was helemaal niet van plan om dit boek te schrijven. Door een spontane verlamming van mijn linkerbeen kwam ik tijdelijk in een rolstoel terecht. Ik ging gedichten schrijven. Met de hand, want zo schrijf ik altijd.” Hij leest een passage voor uit de proloog in het boek. ‘We beklimmen het duin. De avond is oranje, achter ons wiegen de dennen donkerblauw […]’
“Zo begon het”, vertelt Van Dis.
Er kwam ook kritiek op de roman. Zo zou hij vilein zijn en te weinig empathie tonen voor ‘de Ander’. Hier wil Van Dis niet teveel op ingaan. “Je bent als schrijver geen knip voor de neus waard, als je niks opschrijft over een liefdesrelatie van bijna veertig jaar, over de vele reizen die we samen hebben gemaakt en de boeken die we samen hebben geschreven. Dit boek móest eruit. Normaal werk ik maanden aan een roman, nu vloeiden de woorden als vanzelf uit mijn pen. In zeven weken was het af. Dit boek is een ode aan de liefde. Een kunstwerk, zo heb ik het willen schrijven, een klein literair monument voor Eefje. Met een muur tussen mij en de lezer. Ik vertel veel, maar vertel ook veel niet. Alles is waar, behalve wat ik heb verzonnen.”
Van Dis leerde Eefje kennen in de jaren tachtig. Hij tv-presentator van het boekenprogramma Hier is… Adriaan van Dis, zij de regisseur. Er was een onvoelbare herkenning, ze werden geliefden. Bijna vier decennia lang. Als Eefje ongeneeslijk ziek wordt, kiest ze - als het thuis niet meer gaat - voor een hospice. Daar kan ze ook haar minnaar ontvangen. Van Dis: “Ze wilde daar weg en vroeg me of ik haar mee op reis wilde nemen. Verbeelde reizen. Ik nam stapels boeken mee naar het hospice, gedichten, knipsels, daar spraken we over. Ze verlichtten onze dagen. Prikkelden onze gesprekken. Of lieten ons zwijgen omdat we het niet beter hadden kunnen zeggen. Het gedicht ‘Lex Barbarorum’ van Hendrik Marsman werd een soort mantra voor Eefje. De overlevingsdrang en de afwijzing van passief lijden staan hierin centraal. Ik moest het elke dag voorlezen.”
In het hospice, waar Van Dis ook een lezing gaf, kreeg hij de vraag of hij nu anders naar de dood kijkt. “Dat is zeker zo”, zegt hij. “Als je de tijd hebt om afscheid van elkaar te nemen - en je hebt geen pijn – dan is het ook iets bijzonders om mee te maken. Je gaat wel meer nadenken over je eigen dood. Ik heb een schrijvershuisje in Bergen aan Zee. Wellicht komt er een dag dat ik daar de zee inloop, bij een zonsondergang in karmozijnrood met purper. Mensen vinden het vaak gek dat ik open over mijn dood ben. Ook van Eefje mocht ik hier nooit over praten.”
Van Dis heeft maar zeer weinig lezingen gegeven na het verschijnen van ‘Alles voor de reis’. Waarom dan wel in Varsseveld, vraagt De Schepper?
“Omdat het voelt als thuiskomen”, antwoordt hij. Ik mag Saskia (Heijink van de boekhandel, RT) graag, net zoals ik haar moeder graag mocht. Dat ik weinig in de openbaarheid ben getreden heeft natuurlijk ook te maken met mijn verdriet. Eefje zit in mijn hoofd, het is lastig om over dit boek, over onze liefde te praten. Ik mis haar verontwaardigde blik: ‘Heb je nou een spijkerbroek aan!?’ Ik mis haar ongrijpbare karakter. Ik mis de vrolijke, zwierige zomerjurkjes om haar frêle lijfje.” Deze jurkjes sieren de cover van het boek, geïllustreerd door Annemarie van Haeringen. En wie in de pauze een boek liet signeren, kreeg naast een gestempelde handtekening van de schrijver - want een schouderblessure - een stempel van Eefje… in een zwierig zomerjurkje.








