Yvette van de Kamp. Eigen foto
Yvette van de Kamp. Eigen foto

Week tegen Eenzaamheid: het persoonlijke verhaal van Yvette van de Kamp uit Lichtenvoorde

Maatschappij Lichtenvoorde

LICHTENVOORDE - De 39-jarige Yvette van de Kamp uit Lichtenvoorde is chronisch ziek; zij lijdt aan Dunne Vezel Neuropathie, Posturaal Orthostatisch Tachycardie Syndroom en Functionele Neurologische Stoornis. Een heel ‘pretpakket’, zoals ze zelf verwoordt. Noodgedwongen zit zij thuis en terwijl het leven van anderen doorgaat, staat dat van haar stil. Yvette heeft een enorme passie voor schrijven en wil haar verhaal delen met de lezers van deze krant. Een verzoek waar de redactie, zeker in deze Week tegen Eenzaamheid, graag gehoor aan geeft.

Het geluid van de stilte is oorverdovend

Maandagochtend half negen. De zomervakantie zit er weer op. De broodtrommels staan gevuld klaar op het aanrecht. De schooltassen zijn ingepakt. Klaar voor de start, het nieuwe jaar. En met gepaste tegenzin, het zijn immers pubers, vliegen zij een voor een uit. Rust... zou je denken. Dat is het beeld wat de meeste mensen hebben van de eerste schooldag na de grote vakantie. Even een moment rust voor moeders. Een andere waarheid is de gehaaste moeder. Snel de kinderen de deur uit, niets vergeten?! Gauw de auto in voor de eerste werkafspraak, met de tandpastavlekken nog op de blouse. En dan is er nog de moeder die met een knoop in haar maag de kinderen een voor een uit zwaait, een fijne dag wenst en vervolgens verdrietig op de bank gaat zitten. De rust die voor veel moeders als luxe voelt, is voor mij elke dag aan de orde. Want rust is immers goed voor je lichaam wanneer je chronisch ziek bent. Ja, mijn lichaam is gebaat bij rust, maar mijn hoofd vecht tegen de stilte. Het is oorverdovend.

Terwijl de meeste mensen doorgaan met hun leven, staat dat van mij keihard stil. En de wetenschap dat er geen vooruitgang is breekt mijn ik beetje bij beetje meer af. Ik ben een alleenstaande moeder van 39 jaar jong, heb 3 fantastische pubers en was werkzaam in de psychiatrie, voordat ik ziek werd. Mijn werk was mijn tweede thuis. Mijn functie en de groei die ik kon en mocht maken op mijn werken gaven mij zelfvertrouwen. Het contact met de bewoners/ cliënten was allesomvattend. Dat is hoe het voelt, allesomvattend. Mensen leren kennen, helpen, steunen, begeleiden, samen groeien. Er toe doen voor een ander. Het verschil kunnen maken. Daar heb ik elke minuut van genoten. De groep collega’s voelde meer als familie. Ik kan oprecht zeggen dat mijn werk echt mijn tweede thuis was. Een deel van mijn identiteit. En dat stuk ben ik kwijtgeraakt door mijn ziekte. Positief als ik altijd ben, dacht ik daar mee om te kunnen gaan. Maar dat is flink tegen gevallen.

Als je ziek wordt ga je door zoveel fases heen, ongeloof, er tegen verzetten, het een plekje geven en het proberen te accepteren. Maar dat ik heb het geaccepteerd klinkt leuk voor de buitenwereld, maar hoe accepteer je dat je hele leven verandert. Nee, daar ga je mee om. Accepteren zal ik het niet. Voor mijn gevoel leg ik mij er dan bij neer. Dat is een enorme uitdaging. Veel verdriet en het eigenlijk rouwen om wat was. Wanneer je je werk kwijtraakt en alles nog heel vers is, dan komen er nog wel mensen op bezoek. Er wordt nog gevraagd hoe het gaat en of zij wat kunnen doen. Maar hoe meer tijd er verstrijkt, hoe minder mensen je ziet of hoort. Je zou kunnen denken, zoek dan zelf contact. En geloof mij, dat probeer ik ook wel. Maar ik denk dat het gevoel een ander tot last zijn overheerst. Daarbij maak ik vanaf mijn bank niet zoveel spannende dingen meer mee, dus echt wat boeiends te vertellen heb ik niet. Ik luister graag naar de verhalen en belevenissen van de andere, als ze komen. En het grappige is, als je dan bijvoorbeeld een keer op een verjaardag bent, krijg je altijd de vraag wat doe je voor werk.

Heerlijk dat moment, de oprechte sociaal wenselijke interesse. Mijn antwoord ik ben met vervroegd pensioen en lach het weg. Maar van binnen is er weer een klein barstje bij.

Het allerergste van ziek zijn is voor mij de eenzaamheid. Het stereotype beeld van een dame of heer op leeftijd achter de geraniums, dat beeld klopt allang niet meer. Eenzaamheid schuilt in veel huizen. Ook bij de jonge moeder, die altijd alles weglacht. Maar het voelt alsof daar een taboe op rust. Als je niet meer werkt, krijg je een WIA of een IVA. Een ander woord: uitkeringstrekker. Daar zit het pijnpunt voor jonge zieke mensen, om hun gevoel bespreekbaar te maken. Het daar heb je er weer zo een, zij ziet er toch niet ziek uit, maakt dat je je gevoel minder makkelijk uit. Het gevolg is dat je jezelf steeds meer op een onbewoond eilandje plaatst. Je sluit je af. In die fase zit ik helaas nu. Het liefst ging ik al door na de volgende ronde. Maar nee hier gaan we eerst tergend langzaam doorheen. Mijn mensen die dichtbij staan weten hoe ik mij voel, en zijn er. Maar in alle eerlijkheid, steeds minder. Mijn mensen die echt dichtbij staan weten hoe ik mij voel, en die mensen blijven gelukkig in beeld. Daarvoor ben ik heel dankbaar. Even een appje met hoe gaat het, of gewoon een grappig filmpje. Die momenten kunnen je dag maken. Deze ervaring had ik natuurlijk vanuit mijn werk, nooit gedacht het nu zelf te ervaren. Ik zei altijd tegen de bewoners, ik snap het. Maar tussen het snappen en voelen zit een wezenlijk verschil.

Met mijn verhaal en eerlijkheid hoop ik het beeld van eenzaamheid een gezicht te kunnen geven. Ik ken mijzelf en weet dat ik van elke negatieve situatie weer iets positiefs kan maken. Er is een ding wat ik heb en dat is tijd. Tijd om aan mijzelf werken. Dat is misschien geen betaalde baan, maar wel de meest waardevolle.


Yvette van de Kamp
Lichtenvoorde

Yvette van de Kamp. Eigen foto

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant