Isendoorn-docent Gijs Korenblik toont de 'Adolescence-les' waarmee hij The New York Times wist te halen. Foto: Rudi Hofman

Isendoorn-docent Gijs Korenblik toont de 'Adolescence-les' waarmee hij The New York Times wist te halen. Foto: Rudi Hofman

Originele lesaanpak Isendoorn-docent levert reportage in New York Times op

Onderwijs Doetinchem Warnsveld

WARNSVELD - ‘Wauw! Wat een ontzettend gave eer en dit had ik nooit durven dromen!’ Dit schrijft Gijs Korenblik op LinkedIn. De docent maatschappijleer en geschiedenis op het Isendoorn College heeft alle reden om trots te zijn. The New York Times, een van de meest gezaghebbende kranten ter wereld, besteedde onlangs in een groot artikel aandacht aan een bijzondere les van Korenblik waarin hij fragmenten van de Netflixhit Adolescence gebruikt.

Door Rudi Hofman

Adolescense gaat over de 13-jarige Jamie die wordt verdacht van de moord op een meisje nadat hij door het online volgen van bepaalde influencers tot vrouwenhaat is gedreven. De serie leent zich volgens Gijs Korenblik bij uitstek als ‘vehikel’ voor het voeren van klassengesprekken over onder meer de invloed van de manosfeer, de gevolgen van pesten en de onbekende wereld van sociale media.

De manofeer is een verzamelnaam voor een los-vast netwerk van websites, forums, socialemediakanalen en influencers waar mannelijkheid, mannenrechten en de positie van de man in de samenleving centraal staan. Hoe actueel dit maatschappelijk thema bleek afgelopen maandag in het openingsverhaal ‘Acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren scherp gedaald’ van de Volkskrant. Veelzeggend is de volgende passage in dit artikel: ‘De Utrechtse onderzoekers wijzen in hun rapport op de manosfeer: een parapluterm voor influencers die een rigide ideaalplaatje voorspiegelen van man- vrouwverhoudingen. Mannen moeten dominant, gespierd, succesvol en hetero zijn, vrouwen mooi en volgzaam.’

Europa-correspondent
Gijs Korenblik kreeg afgelopen voorjaar Koba Ryckewaert op bezoek in zijn klas. De Europa-correspondent voor The New York Times was door de redactie gevraagd een verhaal te maken over Korenbliks lesmethode, naar aanleiding van een verhaal in de NRC. Deze krant heeft een samenwerkingsverband met The New York Times en die zag blijkbaar wel brood in een reportage op de middelbare school in Warnsveld. Pas maanden later volgde onlangs de online de publicatie van het verhaal ‘Why This Small Dutch Town Is Teaching ‘Adolescence’ in School’. Hierin komt Gijs Korenblik uitgebreid aan het woord, terwijl toenmalig havo 4-leerling Benjamin Smit uit Empe mag vertellen hoe hij tegen de manosfeer aankijkt. Beiden zijn door fotograaf Ilvy Njiokiktjien geportretteerd en ook van het Isendoorn College is een foto in het artikel opgenomen.

Korenblik (31) vertelt dat hij in het online panel van Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid zat. “Ik was zelf hartstikke onder de indruk van Adolescence en heb Beeld en Geluid gevraagd de serie naar Nederland te halen om er een lespakket van te kunnen maken. Een aantal docenten is hier vervolgens mee aan de slag gegaan, maar ik was niet tevreden over het resultaat en heb er mijn eigen draai aan gegeven.” Op het Isendoorn College gebruikt Korenblik de ‘Adolescence-les’ (een PowerPointpresentatie van 80 minuten) in mavo 4 en havo 4. “Het gaat mij niet om de serie zelf, het doel is dat leerlingen door de getoonde fragmenten met elkaar het gesprek aangaan. Als dat lukt, heb je al de halve wereld gewonnen want praten over serieuze onderwerpen gebeurt bijna niet. De leerlingen gaven aan het wel belangrijk te vinden om aan dit soort thema’s aandacht te besteden.”

Dat hij met zijn originele lesaanpak The New York Times - een krant met vele miljoenen abonnees zou halen, had Doetinchemmer Korenblik nooit durven dromen. “Ik vond de aandacht in de NRC al heel bijzonder, maar had nooit verwacht dat ik, Benjamin en de school zo prominent in beeld zouden komen in The New York Times. Gisteravond had ik nog een videocall met een 17-jarige studente van een highschool in Californië. Zij wilde mij interviewen voor de schoolkrant omdat op haar school de manosfeer een groot probleem is.”

Benjamin Smit (16) uit Empe zit inmiddels in havo 5, maar hij kan zich de Adolescence-les van meester Gijs goed herinneren. “Ik had de serie al eerder samen met mijn vader gekeken toen we nog in Groningen woonden.” In The New York Times vertelt Benjamin dat hij dagelijks meerdere uren op sociale media zit en daar manosfeer influencers tegenkomt. Die vindt hij, zo zegt hij in het artikel, meer komisch dan overtuigend. ‘Ik bekijk de video, en dan denk ik meestal dat het een beetje losers zijn.’

Vriendengroep
Binnen zijn vriendengroep in Voorst en Empe wordt volgens Benjamin in het algemeen best respectvol over meisjes en vrouwen gesproken. In Groningen heeft hij sommige vrienden die vinden dat ‘mannen hoger staan dan vrouwen’. Dit leidt onderling wel eens tot discussies. Benjamin vond de Adolescence-les in havo 4 interessant. “De leerlingen waren niet per se bang om hun mening te geven. Er kwamen standpunten naar voren waar ik het niet mee eens ben. Bijvoorbeeld dat vrouwen en mannen specifieke taken zouden hebben, zoals het huishouden voor vrouwen. Ik wist al dat deze meningen bestonden, het verraste mij niet.”

Kritisch denken
Wat de jonge Empenaar wel heeft verrast, is de aandacht voor zijn kijk op de manosfeer in The New York Times in combinatie met een portretfoto.  Zijn reactie leverde hem diverse complimenten op van Isendoorn-docenten. Gijs Korenblik is blij met het kritisch denkvermogen van Benjamin: “Het mooiste compliment dat ik heb gekregen is van een leerling die tegen mij zei: ‘U heeft mij leren nadenken, ik heb geleerd de waaromvraag te stellen’. Ik hoop de wereld iets te verbeteren door kritische leerlingen af te leveren.”

De reportage is te vinden op: nytimes.com/2026/09/09/world/europe/netherlands-adolescence-manosphere-education.html

Isendoorn-docent Gijs Korenblik toont de 'Adolescence-les' waarmee hij The New York Times wist te halen. Foto: Rudi Hofman

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant