
Column De Buitenstaander: De konkelfoes
Opinie Aalten DinxperloAan verlichtingsdenker en filosoof Denis Diderot wordt de uitspraak toegeschreven dat de mens pas vrij is als de laatste koning gewurgd is met de ingewanden van de laatste priester. Eerder geestig dan waar - er komt nog wel wat meer bij kijken. Maar goed, ik ben sowieso niet dol op types die alleenheerser zijn, of ‘tuus de boxe an hebt’, zoals ze dat in de Achterhoek zo mooi zeggen, of op de combinatie menigten en verontwaardiging. Vooral verontwaardiging zonder nadenken. Denken is namelijk moeilijk. Denken wordt schromelijk onderschat. Velen schreeuwen met een overtuiging die omgekeerd evenredig is aan de diepgang van hun gedachte.
Verder: als ik één ding zeker weet, dan dit: als mensen tegen mij beginnen te konkelfoezen over anderen, dan doen ze dat tegen anderen over mij ook. Gouden regel. Ik vertrouw mensen die roddelen altijd volledig; ze zijn namelijk consequent onbetrouwbaar.
Je hoort laster vroeg of laat altijd terug. Soms zelfs op een amusante wijze. Zo hoor ik weleens verhalen over mezelf waarvan ik denk: interessant, daar had ik best bij willen zijn. Of: briljant, daar had ik zelf nog niet aan gedacht. Maar ja, zo was het niet. Ik ken een sterk verhaal waarin wordt verteld dat ik ooit op de dorps-mavo de leraar Duits met jas en al aan een kapstok zou hebben gehangen. Ik heb die goede man nooit met één vinger aangeraakt. Het gekke is dat ik dacht te weten wie het wél had gedaan - totdat bleek dat die er zelf ook niets van wist.
Er zijn mensen die alles vergeten, behalve dat ene wat je twintig jaar geleden verkeerd zei. Ze hebben een geheugen als een archiefkast: alles netjes op alfabetische volgorde, wachtend op het beste moment voor gebruik. Je bent de rest van je leven gebrandmerkt door het innerlijke tribunaal van types die permanent in hun gelijk wonen als God in Frankrijk - een comfortabele positie, want twijfel komt er niet aan te pas.
Het beste wat je kunt doen is ze negeren: weglopen, schouders ophalen, of een variant op al deze ‘bestigheden’. Helaas heb ik de filmische psyche van een Japanse wraakfilmregisseur, gecombineerd met een absurdistisch Monty Python-brein. (Als ze dit lezen, denken ze meteen: zie-j wel, de keerl hef ‘n drödjen los.) Gelukkig beperk ik me tot denkbeeldige replieken, kolderieke koekjes van eigen deeg, die nooit het daglicht zullen zien - maar ze zijn soms verrassend amusant. Ik hou ze voor me.
Roddels hebben in mijn geval een wonderlijk reispatroon: ze vertrekken als vilein vertelsel en ketsen terug als cabaret.
Ik schreef hier al eens dat iemand me had verteld dat je in de late middeleeuwen een stalen zwijnskop of kippenkopmasker op je hoofd geschroefd kreeg als je lasterde. Ik had die vergadering waarin deze straf ooit werd afgeschaft graag willen bijwonen. Want zo gek vind ik het nog niet.
Dat politici haar zelf hebben afgeschaft, lijkt me overigens evident. Achter sommige politici lopen tenslotte ook genoeg verontwaardigde schreeuwers aan.










