
Maik Lievers op de baan in Albergen. Foto: Chantal Gussinklo
Foto Chantal GussinkloAutocrosser Maik Lievers naar RAMO-titel in ‘debuutseizoen’
Sport AaltenAALTEN - Maik Lievers vierde vorige week de titel in het RAMO-autocrosskampioenschap. Na vier wedstrijden stond hij het hoogst geklasseerd. Best wel een vreemde gewaarwording voor de autocrosser die een ‘raar jaar’ achter de rug heeft, zo zegt hij zelf. Qua mechanische problemen maakte hij met zijn team het nodige mee, het zijn juist de aanwezigheidspunten geweest die hem kampioen maakten.
Door Remko Alberink
Voor het feestgedruis van vorige week zondag ter sprake komt, geeft de nu 40-jarige Maik Lievers uit Aalten eerst zijn autocrossgeschiedenis weer. Zijn autocrosscarrière begon een jaar of vijf geleden. “Vroeger woonden we in het dorp. Toen we buitenaf gingen wonen, hadden we ook een schuur waar we met de auto aan de gang konden”, haalt Lievers zijn herinnering op. “Toen ben ik gaan kijken naar een kevertje. De afgelopen jaren heb ik met kameraad Wesley Jansink uit Aalten aan de auto gesleuteld. In 2025 wilde ik naast het RAMO-kampioenschap ook aan het NK meedoen.”
RAMO staat voor Regio Autocross Midden en Oost.
Aalten
Maar het liep anders. “Bij de eerste wedstrijd in Aalten reed ik vorig jaar vijf rondjes, toen ging het motorblok kapot”, merkt Lievers op. “Dat was enorm balen. Enerzijds konden we de wedstrijden in 2025 niet meer rijden, maar het was ook een wens van Petra mijn vrouw om vorig jaar met de Kever de feesttent in te rijden bij ons huwelijk.”
Maar voor alle problemen is ook een oplossing. “Zo kwam ik in contact met Gerard Roeterdink uit Ruurlo. Met hem heb ik het blok uit elkaar gehaald en zagen we dat onder meer de zuigers kapot waren. Gerard had echter ook nog een ander motorblok liggen, dat heb ik van hem over kunnen nemen.”
Het huwelijk was ‘gered’ en Lievers kon zich daarna opmaken op het net afgesloten autocross-seizoen. “Ook nu wilde ik het Oostelijke RAMO-kampioenschap rijden in combinatie met wat Masters-wedstrijden.”
Pech
Maar de pechvogel wist Lievers ook dit seizoen te vinden. “Bij de openingswedstrijd in Meddo kwamen we wat kinderziektes tegen. Autocross kun je niet trainen hè. Toen ik nog aan motorcross deed, ging ik op woensdag naar de baan in Varsseveld. Daar trainde je en zag je waar je stond. Bij autocross probeer je de auto maximaal voor te bereiden, te kijken naar de ondergrond en daarop de banden te kiezen. Pas op de baan merk je hoe het gaat.”
Na Meddo volgde de thuiswedstrijd in Aalten. “Daar haalde ik de finale als vijfde, maar maakte ik in de finale zelf een stuurfoutje waardoor ik in de wal terecht kwam. Toen werd ik zesde. In Loenen eindigde ik in de finale vervolgens als vijfde.”
Zo stond Lievers bovenaan voor de slotwedstrijd in Albergen. “Marco Raben stond tweede en de verwachting was dat hij mij wel zou passeren. Hij heeft zoveel bakken meer ervaring, dus dat was geen gekke gedachte. Ik had weer wat met de auto, dus ik reed in Albergen de finale niet. Ik had deze keer echter geluk, Marco spinde op de baan en haalde niet genoeg punten.”
Hoe het dan kan dat hij met zoveel tegenslag toch de RAMO-titel kon winnen, Lievers legt het uit. “Het RAMO-kampioenschap kende dit seizoen maar vier wedstrijden. Er zijn punten te verdienen door je aanwezigheid, door het halen van een finaleplaats en het resultaat in de finale. Ik ben naar alle wedstrijden gegaan, dat leverde al veel punten op.”
Masters
Van het rijden van Masters-wedstrijden kwam dit jaar niet veel. “Ik had graag in Gendringen, Toldijk en Rosmalen meegedaan”, legt Lievers uit. “Maar de auto was er niet klaar voor, we waren met heel veel aanpassingen aan het werk.”
Dat moet dus wachten tot 2027. “Dan gaan die plannen wel door, al wil ik komend seizoen ook gewoon graag mijn titel bij de RAMO verdedigen.”








