
Senioren Bronckhorst verkennen woonvormen in de regio
Wonen Bronckhorst Silvolde Ulft Velswijk‘Het is hier net Velswijk’
Door Sander Grootendorst
BRONCKHORST/ZUTPHEN – Een bus vol krasse knarren in spe uit Bronckhorst maakte vrijdag 22 november, op initiatief van de gemeente, een tocht door de Achterhoek. Het had, ondanks de gestage regen, veel weg van een schoolreisje, uit de tijd dat iedereen nog jong was. De bus stopte bij drie woonvormen, speciaal bedoeld voor ouderen: In Ulft, Silvolde en Zutphen. De belangstelling was groot. ”We hadden wel twee bussen kunnen vullen.”
De derde en laatste locatie die de groep aandoet is aan Knarrenhofproject Hof van Zutphen, vlak bij het station (meteen een van de pluspunten). Jeannette Kop, een van de 72 bewoners van het complex, geeft de bezoekers een uitgebreide toelichting. “De naam Knarrenhof hebben we te danken aan Van Kooten en De Bie”, vertelt ze. “Die hadden een act: Krasse Knarren. In een van de scènes zat Van Kooten in een leren jekkie op een dikke motor. Daarmee kon hij de fietsenstalling van het bejaardenhuis niet in. Toen zei hij: ‘Dan bouw ik toch mijn eigen Knarrenhof!’” ‘Koot’ kon niet vermoeden dat Peter Prak van dat idee ooit werkelijkheid zou maken. In Nederland zijn nu elf woongemeenschappen die Knarrenhof heten.”
Koot en Bie… uit de tijd toen iedereen nog jong was én, indien al wat ouder, naar het bejaardenhuis kon. Maar die bestaan niet meer. Alternatieve woonvormen komen ervoor in de plaats. Zo liet de groep zich in Silvolde informeren over ‘Biobased’ bouwen en in Ulft over leeftijdbestendige chaletbouw.
Met haar toespraak wil Kop erop wijzen dat iedereen zelf in de slipstream van krasse ‘Koot’ kan treden door in eigen omgeving een Knarrenhof op te zetten. Dat gaat niet zomaar, je hebt er andere mensen en allerlei instanties bij nodig. Kop: “De grootste hobbel is grond… voor een betaalbare prijs. Daar moeten de gemeenten bijspringen.” In een later stadium springt ook Peter Prak met zijn kennis van zaken bij. “Een groot voordeel”, zegt Kop. “Je hoeft dan niet zelf collectief particulier ondernemerschap te beginnen.” Praks motto: “Eerst de mensen, dan de wensen, dan de stenen. Dus je moet een groep vormen, je moet bedenken wat je wilt met jouw project, en dan kun je gaan praten.”
Wachtlijst
Een woonvoorziening stichten kost geduld, het is een proces van jaren, maar áls het dan lukt… Dan blijkt hoe groot de behoefte aan dit soort initiatieven is. “We hebben een wachtlijst met vijfhonderd namen.” Dat betekent niet dat je kansloos bent, als je je aanmeldt, zegt bewoonster Marijke Moen: “Als er een plek vrij komt en je wordt gebeld, moet je binnen zeven dagen ja of nee zeggen. Je moet er dus al wel echt klaar voor zijn.”
Maar ja, wanneer komt er een plek vrij? Wie er eenmaal woont, wil blijven tot de laatste snik. “Sinds we in 2022 van start gingen, is er niemand overleden. Alleen één iemand verhuisd.” Dat was een Amsterdamse-met-heimwee, weet bewoner Ronald de Boer, Amsterdammer zonder heimwee. “Ik heb het hier geweldig naar mijn zin.” Begrijpelijk, als je naar het verhaal van Jeannette Kop luistert. Eigen woonruimte, maar toch geborgenheid. En je kunt je op tal van manieren ontplooien, in de gemeenschappelijke tuin, het koor, in de redactie van de Hofbode, als organisator van de pubquiz enzovoort. “Zelf wist ik bijvoorbeeld niet dat ik het in me had om een toespraak te houden zoals deze”, zegt Kop. Nooit te oud voor talentontwikkeling…
Er wonen zestigers, zeventigers, tachtigers en één negentiger. “Een leeftijdsopbouw is belangrijk, want je hebt mensen nodig die de handen uit de mouwen kunnen steken en ook de bestuursfuncties moeten worden vervuld.”
Inspiratie
De Bronckhorstenaren zouden zich alvast kunnen inschrijven bij de Knarrenhof, of in de eigen gemeente naar een Knarrenhof toewerken. Er is nog een derde optie, zo blijkt: Inspiratie opdoen. Dat geldt onder anderen voor Ben Schutter en Kees van Groos uit Velswijk. “Een project als De Knarrenhof is voor het dorp Velswijk natuurlijk veel te groot”, zegt Schutter. “Je denkt binnen Bronckhorst dan eerder aan Hengelo of Vorden. Wij zijn bezig met een klein project voor zes woningen, want uit een enquête bleek dat er in Velswijk toch zo’n veertien mensen zijn die graag gelijkvloers zouden willen wonen.”
De Zutphense Knarrenhof bevindt zich in een stedelijke omgeving vol hoogbouw: het nieuwe stadsdeel Noorderhaven. Waarin het, zo blijkt in de gezamenlijke huiskamer, ouderwets gezellig kan zijn. Van Groos: “Het doet me denken aan de buurt omgeving Themanstraat in Doetinchem. Daar heb je van oudsher een sterke verbinding tussen de bewoners. In haar powerpoint toonde Jeannette Kop overigens een afbeelding van het Luthers Hofje in de Zutphense Nieuwstad, een voorbeeld uit vroeger eeuwen.
Het doet ook denken aan… Velswijk, zegt Schutter: “Wat ze in de Knarrenhof doen, de gemeenschappelijke activiteiten, en het elkaar helpen als het nodig is, dat doen we in Velswijk altijd al. En wij hebben dan ook nog de jeugd erbij… Velswijk is eigenlijk één groot Knarrenhof.”
Inderdaad. Had Jeannette Kop het niet gehad over het ‘naoberschap’ binnen de Zutphense woongemeenschap? En dat dat – “belangrijk punt in de huidige maatschappij” – vereenzaming tegengaat?
Ronald de Boer vergelijkt de huiskamer van de Knarrenhof op zijn beurt weer met een buurthuis: “We gebruiken het voor eigen activiteiten, maar drie keer in de week is het ook voor anderen geopend. Dan komen mensen uit de wijk hier koffie drinken. We zijn een woongemeenschap, maar zitten zeker niet op een eilandje.”










