Lucie Jansen aan het werk in de praktijk, een vertrouwd gezicht voor veel mensen. Foto: Mirjam Rensink
Lucie Jansen aan het werk in de praktijk, een vertrouwd gezicht voor veel mensen. Foto: Mirjam Rensink

Lucie Jansen veertig jaar doktersassistente in Zelhem

Zorg Keijenborg Zelhem

ZELHEM - Lucie Jansen is veertig jaar doktersassistente. Als 19-jarige begon ze bij de praktijk van dokter De Boer en dokter Van Noort. Nu werkt ze op praktijk Het Verband aan de Halseweg. Toen ze begon was er nog geen computer en mobiele telefoon. Ze heeft baby’s zien opgroeien tot volwassenen die nu soms met hun eigen kinderen weer naar de praktijk komen.

Door Mirjam Rensink

Dokter De Boer en dokter Van Noort
“Toen ik begon was er net de overgang van apotheekhoudende praktijk naar een dokterspraktijk zonder apotheek. Op dezelfde dag dat ik begon met werken, 1 juli 1984, ging de Zelhemse Apotheek open. De dames die toen nog als assistente bij de huisarts werkten, gingen naar de apotheek en zo kwam er een vacature voor doktersassistente.
We hadden geen computer en alle patiënten hadden een kaart waarop hun gegevens stonden. Als iemand dan medicijnen nodig had dan gingen we naar een grote kast waarin alle patiëntendossiers zaten, we haalden het dossier eruit en schreven met de hand een recept dat dan naar de apotheek ging. Bij mooi weer zaten we tussen de middag in de tuin van dokter Van Noort en schreven we rekeningen. De twee artsen spraken we altijd aan met dokter De Boer en dokter Van Noort, nooit bij de voornaam.
De echtgenotes van beide artsen werkten ook mee in de praktijk. De artsen werkten van acht uur ‘s ochtends tot zes uur ‘s avonds en ook de avonddiensten en de bevallingen namen ze voor hun rekening. De telefoondiensten in de avond en de nacht werden gedaan door beide echtgenotes. Alleen tijdens vakanties kwam het wel eens voor dat ik een telefoondienst had. Ook de weekenddiensten draaiden ze zelf, heel soms moest ik bijspringen in de zomer omdat er dan veel vakantiegangers waren die in het weekend een arts nodig hadden.
Toen dokter van Noort stopte, dertig jaar geleden, kwam eerst Ineke de Bruin bij de praktijk en later Mary Burger. In 1996 verhuisde de praktijk naar het nieuwe pand aan de Halseweg. In 1999 kwam John van der Wielen in de praktijk.”

Lucy heeft nog steeds contact met enkele doktersassistenten die toen ook in de praktijk werkten waar zij begon. “Laatst werd dokter De Boer negentig en toen zijn we met een aantal assistentes van toen uitgenodigd om bij hem thuis te komen. We hebben toen herinneringen zitten ophalen.”

Herinneringen aan de dokter die huisbezoeken aflegde maar dan niet zoals tegenwoordig per mobiel te bereiken was. “We hadden altijd een lijst op de praktijk van huisbezoeken, waar hij naar toe ging en hoelang hij dacht ergens te zijn. Als er dan een spoedgeval kwam dan konden we bellen naar het huis waar hij op dat moment was, als de mensen telefoon hadden ten minste. Later hadden ze een mobilofoon in de auto. Wij moesten dan naar de portier van het ziekenhuis bellen, die kon dan weer contact leggen met de mobilofoon en zo konden we dan contact leggen. Later kregen artsen een pieper op zak voor noodgevallen.”

Telefoontjes
“Vroeger kregen we veel minder telefoontjes op de praktijk dan tegenwoordig. Mensen deden minder snel een beroep op een huisarts dan tegenwoordig. Op een maandag krijgen wij 120 telefoontjes per dag, op dinsdag en vrijdag zijn dat er gemiddeld honderd en de woensdag en donderdag zijn iets rustiger. We zitten op de drukke dagen met zijn drieën aan de telefoon en dan nog staan mensen in de wachtrij.”

Patiëntenkaarten
Hoewel de meeste zaken tegenwoordig in de computer worden opgeslagen heeft de praktijk nog steeds de oude patiëntenkaarten liggen. Uiteindelijk moeten die allemaal worden overgezet in de computer. Een enorme klus waar af en toe op rustige momenten aan gewerkt wordt. “Ik wil dat het voor mijn pensioen allemaal is ingeladen, maar of dat lukt in nog maar de vraag, het is een enorme klus”, lacht Lucie.

Patiënten zijn met de jaren steeds mondiger geworden, ze bellen makkelijker en hebben zelfs soms al opgezocht wat ze denken te mankeren en willen dan dat er bepaalde acties worden ondernomen. “Daar heb ik geen last van”, zegt Lucie. “De gesprekken zijn anders dan vroeger aan de telefoon dat is alles. Waar ik persoonlijk wel veel moeite mee heb is hoe er wordt omgegaan met oude mensen. Ze hadden een verzorgingshuis als De Zonnekamp nooit moeten veranderen in een verpleeghuis. Heel veel ouderen zijn eenzaam, dat merkte ik met name in de coronatijd. Dat grijpt mij aan. Ze worden ook heel snel uit het ziekenhuis ontslagen en dan komt de zorg terecht bij de huisarts en de directe omgeving van de patiënt.”

Op de praktijk Het Verband werken vijf assistenten, drie praktijkondersteuners, een praktijkmanager, een waarnemer en drie artsen. De taken zijn verdeeld en de samenwerking verloopt collegiaal en prettig. “Ik werk drie dagen per week”, vertelt Lucie. “Vroeger werkte ik halve dagen en dan kwam het vaak voor dat ik langer bleef omdat ik het werk wilde afmaken. Nu werk ik hele dagen en ben ik twee dagen vrij.”

Lucie Jansen fietst iedere dag vijf kilometer naar haar werk, zomer en winter. Alleen als het ’s ochtends met bakken uit de lucht komt, pakt ze de auto. Naast haar werk is ze fervent hardloopster. Ook traint ze eens in de week zij de Old Stars van atletiekclub Argos in Doetinchem, een groep mensen tussen de 55 en 80 die graag actief bezig blijven Daarnaast geeft ze ook af en toen een bootcamp les. Zelf loopt ze met een groep een keer per jaar een halve marathon, meestal ergens in een Europese stad, Berlijn, Praag, Valencia heeft ze al gedaan en dit najaar gaat ze naar Antwerpen.

Onmisbare collega
Huisarts John van der Wielen is samen met iedereen in de praktijk dol op Lucie. “Ze heeft een enorme kennis van alle patiënten. Ze weet precies wie wie is en wat de verbanden zijn tussen families. Dat is enorm waardevol voor ons. In het ziekenhuis kennen ze vaak de achtergrond van mensen niet, dankzij Lucie weten wij dat vaak wel. Ze kan door die kennis heel goed inschatten hoe urgent een telefoontje is. Daarnaast is ze heel nauwgezet en gedreven. En ze werkt heel hard, vijf uur is nooit einde van de dag voor haar. Wij artsen gaan soms al naar huis en dan is Lucie nog bezig iets af te ronden. Ze regelt alles, kan ook alles, ze kan voor iedereen invallen als dat nodig is. Ze zit al lang in het vak maar zorgt altijd dat haar kennis up to date is. Ze is helemaal meegegroeid met de tijd, de computer kent geen geheimen voor haar.”

Met verbazing kijken collega’s soms naar het bureau als Lucie met de administratie bezig is. “Het hele bureau ligt dan bezaaid met papier, totaal onoverzichtelijk”, vertelt Van der Wielen. “En ondertussen beantwoordt ze ook nog vragen van collega’s. En ze houdt het overzicht want aan het einde van de dag is alles gedaan en opgeruimd. Ze weet altijd precies waar ze mee bezig is.”

Lucie is met volle overtuiging doksterassistente geworden omdat ze de afwisseling tussen contact met patiënten, administratie en medische handelingen verrichten fantastisch vindt. Nu is haar zoon ook medicijnen gaan studeren. “Dat vind ik fantastisch”, zegt John van der Wielen. “Hij is eerst afgestudeerd in bewegingswetenschappen en mede dankzij de steun van zijn moeder en een enorme inzet is hij begonnen aan de studie medicijnen.”

Lucie Jansen is van plan gewoon te blijven doorwerken. “Ik ben nog maar 59 dus ik werk rustig door. Al was er wel even een periode dat ik twijfelde. Na corona werd het erg druk op de praktijk en hadden we ook nog te maken met een personeelstekort. Toen was het wel zwaar. Maar gelukkig is dat weer voorbij en is het werk wel druk, maar prettig druk en het blijft leuk en uitdagend. Ik werk ook niet voor niks al veertig jaar bij dezelfde praktijk. We hebben een fijne werksfeer, ik heb en had fantastische collega´s. Met de meeste oud-collega’s heb ik ook nog steeds leuk contact. Ik vind het ook leuk dat het beroep de afgelopen veertig jaar ook niet heeft stilgestaan, er kwamen en komen steeds weer nieuwe taken bij. En het werken in Zelhem is heerlijk, de mensen zijn vriendelijk en gemoedelijk.”

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant