
Eus Akyol in de Bibliotheek: “Lezen opent werelden die je anders nooit ziet”
CultuurDidam - In de bibliotheek in Didam was schrijver, columnist en documentairemaker Özcan Akyol, beter bekend als Eus, op 17 juni te gast. In een informele lezing nam hij het publiek mee in zijn persoonlijke verhaal én zijn missie: het belang van lezen, taalvaardigheid en gelijke kansen voor kinderen.
Door Karin van der Velden
De bibliotheek van Montferland organiseert in haar vestigingen regelmatig activiteiten die verder gaan dan alleen boeken uitlenen. Taalvaardigheid staat er hoog op de agenda, net als maatschappelijke betrokkenheid. Volgens directeur Joyce Holthausen sluit dat perfect aan bij wat een bibliotheek zou moeten zijn: “Niet het verkondigen van meningen, maar het delen van perspectieven. Een plek waar iedereen welkom is, ook als je hulp nodig hebt met taal.”
Voor Eus zelf speelde de bibliotheek een belangrijke rol in zijn ontwikkeling. Hij groeide op in een gezin met ouders die allebei analfabeet waren. Zijn moeder kon zelfs in het Turks niet lezen of schrijven, iets wat hij als kind lange tijd niet goed begreep. “Ik dacht vroeger: moeten we mijn boeken niet gewoon vertalen voor mijn moeder? Tot ik besefte dat dat helemaal niet kon.” In zijn jeugd werd er thuis niet voorgelezen en boeken waren geen vanzelfsprekendheid.
Zijn vader kwam als gastarbeider naar Nederland vanuit een dorp in Centraal-Anatolië. Hoog op een berg was hij daar een zelfvoorzienende boer, met een paar kippen en een moestuin. Hij had geen idee waar Nederland precies lag toen hij werd gevraagd hier om te komen werken. Het zou maar drie jaar zijn, de fabriek vroeg hem daarna om langer te blijven. Dus kwam Eus’ moeder naar Nederland. Het gezin belandde in Deventer, waar zijn vader van zijn collega’s beperkt Nederlands leerde: “Nederlanders leerden Turkse scheldwoorden en Turken leerden Nederlandse scheldwoorden.”
Eus vertelde met humor en scherpte over die periode, maar ook over de hardheid ervan. Integratie was in die tijd niet aan de orde; je kwam om te werken, niet om mee te doen. Daardoor groeide hij op tussen twee werelden: thuis de Turkse cultuur, buiten de Nederlandse samenleving.
Televisie speelde een grote rol in zijn taalontwikkeling. Zijn moeder keek graag naar Nederlandse series zoals Goede Tijden, Slechte Tijden, en Eus fungeerde als tolk. Hij snapte als kind al goed dat de Turkse normen en waarden anders waren dan de Nederlandse en probeerde te voorkomen dat zijn moeder de intieme scenes zou zien.
Op school kreeg hij een VWO-advies, maar belandde uiteindelijk op de mavo. Niet vanwege capaciteiten, maar door zijn afkomst. “We denken dat in Nederland iedereen dezelfde kansen krijgt, maar dat is niet zo,” stelde hij. Pas op zijn zeventiende begon hij echt vrijwillig te lezen. Dat werd een keerpunt. Zijn eerste grote leeservaring; Ik, Jan Cremer, opende een wereld buiten Deventer. Hij noteerde woorden die hij niet kende en kocht boeken bij kringloopwinkels. Lezen werd een vorm van vrijheid en ontwikkeling.
De bibliotheek zag hij toen nog vooral als een plek met boeken. Inmiddels weet hij dat de functie van de bibliotheek veel breder is. “Het is ook een plek om je terug te trekken, om anderen te ontmoeten en om verhalen en culturen te leren kennen. Daardoor ontstaat empathie.” Volgens Eus is dat precies wat de samenleving nodig heeft: elkaar leren kennen in plaats van over elkaar oordelen.
Tijdens de lezing ging hij in op thema’s als polarisatie. Hij waarschuwde dat mensen steeds vaker in hun eigen bubbel leven en vooral informatie lezen die hun eigen ideeën bevestigt. “Dan worden we geen tegenstanders meer, maar vijanden. Met een tegenstander kun je een biertje drinken, dat doe je met je vijand niet,” zei hij.
Op vragen uit het publiek vertelde Eus dat hij elke dag heel vroeg opstaat om te schrijven, gestructureerd leeft en veel leest. “Minimaal een boek per week,” zei hij. Trots op zichzelf is hij niet echt: “Ik heb ook gewoon geluk gehad.” Zijn droom is eenvoudig maar ambitieus: zoveel mogelijk boeken schrijven en jonge mensen inspireren om hun talent te ontdekken.”








