
Bloed aan de paal
OpinieDe eerste straten kleuren oranje. Het leger nietszeggende analisten krijgt overwerk. Volgende week gaat het gebeuren. Reikhalzend hebben voetballiefhebbers ernaar uitgekeken: het wereldkampioenschap voetbal in Mexico, Verenigde Staten en Canada. Op donderdag is de eerste wedstrijd: Mexico – Zuid-Afrika in Mexico-Stad. Mexico is goed gekozen omdat de gemiddelde Amerikaan niet weet dat de bal rond is en niks met soccer heeft. In Amerikaans football scoren dik ingepakte spelers als ze een ei tussen de palen, maar over het doel, schieten. In Mexico is fútbol echter de populairste sport. Het WK voetbal is omvangrijker dan ooit. Wereldvoetbalbond FIFA bij monde van een infantiele voorzitter sprak zich uit dat deze keer maar liefst 48 landen mogen deelnemen. Je moest wel elf struikelaars opstellen om niet mee te kunnen doen. Nederland kwalificeerde zich. Op zondag 14 juni spelen onze jongens tegen Japan en dan tegen Zweden en Tunesie in de poulefase. En daarna zien we wel.
Even gingen er stemmen op om dit WK te boycotten. Oftewel niet meespelen. Die stemmen verstomden al snel. We deden ook al niet mee met het songfestival. Er zijn te veel protesten dezer dagen. Betogers moeten een keuze maken. In 1978 was het protest omvangrijker. Het WK was in Argentinië. Het cabaretduo Neerlands Hoop trok de schouwburgen langs met het programma Bloed aan de paal. Argentinië was op dat moment een militaire dictatuur, ook wel de martelkamer van Zuid-Amerika genoemd. Daar ging je niet heen om een voetbalfeestje te vieren, vonden Bram Vermeulen en Freek de Jonge. Ik bezocht hun voorstelling in de Arnhemse schouwburg. In de band speelde Thé Lau, de latere frontman van The Scene en elf jaar geleden gestorven. Nederland deed wel mee en werd tweede.
Eerlijk gezegd ben ik meer wielerliefhebber dan voetbalfan. Maar trots vertel ik weleens dat ik in mijn jeugd nog heb samengespeeld met twee schoolvrienden Eddie en Martin, die het tot het profvoetbal hebben geschopt. De ene was zelfs in 1982 de eerste winnaar van de Nederlandse Gouden Schoen. Ik stond in het schoolelftal op doel, omdat ik lang was. Dat was de enige reden. Ik had niet het talent van Marco Olthuis. In het toernooi van alle lagere scholen in de stad kwamen we zelfs in de finale. Die twee scoorden aan de lopende band. Ik had niet veel te doen. Dat was in de finale wel anders. Het werd gelijkspel en het kwam aan op strafschoppen. De eerste drie penalty’s liet ik verbaasd langs me heen gaan. De volgende moest ik koste wat kost tegenhouden werd me duidelijk gemaakt. En ik dook zowaar de bal uit de onderste hoek. Een weergaloze actie, maar daarbij belandde ik keihard met mijn hoofd tegen de paal. Bloed aan de paal en bij de volgende strafschop stond ik nog dizzy in het doel. We werden tweede.










