Afbeelding

Vertraagd leven

Opinie

Wordt het Pogacar of Vingegaard? Terwijl de halve natie in de ban is van het WK voetbal en Oranje kijk ik reikhalzend uit naar 4 juli. Dan gaat de Tour de France, de hoogmis van de wielersport, van start. Die fascinatie voor de Tour duurt al meer dan een halve eeuw.
Zelf fiets ik geen deuk in een pakje boter. Op de elektrische fiets gaat het wel maar toen je nog aangewezen was op eigen spierkracht zag ik mezelf moeizaam zwoegen in weer en wind. De Peeskesbult in Beek was al bijna te zwaar. Terwijl mountainbikers en wielrenners me (meewarig) glimlachend voorbij raasden klom ik met de grootste moeite naar boven. Ik vond mezelf al een hele kerel als ik de top haalde zonder af te stappen.
En dan heb ik over een puist in het landschap van 60 meter! In de Tour beklimmen de pedaleurs bergen van meer dan 2000 meter. En niet ééntje maar drie of vier op een dag. Hier ligt de kiem van mijn fascinatie. Ik koester een mateloze bewondering voor renners die in drie weken tijd bijna 4000 km afleggen, in een verzengende hitte naar boven rijden en zich als een steen laten vallen in gevaarlijke afdalingen, waarbij snelheden van 80 tot 90 km worden bereikt.
De bergetappes zijn de kers op de taart maar de hele taart smaakt lekker. Ook tijdritten, vlakke ritten en zelfs wandeletappes kunnen mij bekoren. Urenlang zit ik voor de tv en kijk naar wuivende korenvelden, fraaie kastelen, vreemd uitgedoste toeschouwers, op hol geslagen paarden en een peloton, dat traag door het landschap glijdt. Er gebeurt bijna niets.
Waarom kijk je dan, zult u zich afvragen, als je zo’n wedstrijd ook in 30 seconden kunt samenvatten? Ja, waarom? Het mooiste antwoord komt van de in Groenlo geboren journalist en schrijver Bert Wagendorp (ik heb zijn beschrijving al eens in een column gebruikt maar omdat die zo treffend is volgt die hieronder nog een keer).
“Je wacht kalm op dingen die gebeuren, mogelijk een voorval waarover nog jarenlang zal worden gesproken. Maar het ontbreken daarvan maakt het wachten niet zinloos. Ledigheid is waardevol. We houden ons daar veel te weinig mee bezig, we zijn voortdurend druk met het zinvol vullen van de tijd. De Tour is het beste excuus om daar tijdelijk mee te breken. In de verhalen van Tsjechov komt de verteller regelmatig in een armzalige boerenhut. Daarin ligt, onder een paardendeken, altijd een oude man op de kachel. Hij doet niks, hij ondergaat het verstrijken van de tijd. Tijdens de Tour ben ik die man. Ik leid drie weken een vertraagd leven, de Ronde is mijn kachel, de krant met het verslag van de vorige dag mijn deken.”
Prachtig verwoord. Wagendorp geeft weer hoe veel Tourfanaten zich voelen. Ledigheid is des duivels oorkussen maar ze hebben niet het gevoel dat ze drie weken lang niets hebben gedaan. Nee, integendeel, ze hebben juist die tijd uiterst nuttig ingevuld.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant