
De Kleren van de Keizer in Ulft
OpinieEr is een sprookje dat maar niet uit mijn hoofd wil verdwijnen. Het verhaal van de keizer die zo graag bewonderd wilde worden dat hij zich liet overtuigen dat hij een gewaad droeg dat alleen de slimsten konden zien. Zijn hofhouding applaudisseerde, het volk juichte, enniemand durfde te zeggen wat iedereen zag: de man liep in zijn ondergoed.
De laatste vijftien jaar heeft de gemeente Oude IJsselstreek haar eigen versie van dat sprookje geschreven. Het heet: “De DRU is een prachtig project.”
Die zin wordt zo vaak herhaald dat hij bijna ritueel is geworden. Raadsleden zeggen het, wethouders zeggen het, beleidsstukken zeggen het, en wie het tegenspreekt, wordt gezien als iemand die “de waarde van cultuur niet begrijpt”. Maar ondertussen liggen de cijfers er al jaren bij als een open wond: structurele tekorten, mismanagement, afspraken die niet worden nagekomen, en een financiële afhankelijkheid van de gemeente die allesbehalve gezond is.
En toch blijft iedereen roepen dat het prachtig is.
Het is een merkwaardig soort collectieve betovering. Alsof schoonheid een schild is dat alle kritiek afweert. Alsof het gebouw zelf een magische glans heeft die de begroting doet verbleken. Alsof het niet uitmaakt dat de exploitatie al vijftien jaar geen enkel teken van stabiliteit vertoont. Alsof miljoenensteun geen probleem is zolang je maar blijft zeggen dat het “prachtig” is.
Maar schoonheid is geen excuus. En herhaling is geen bewijs.
Wat mij fascineert, is hoe diep deze misvatting is ingesleten. Het lijkt bijna een sociale verplichting: je hoort te vinden dat de DRU bijzonder is. Je hoort te knikken wanneer het weer wordt geprezen. Je hoort te zwijgen wanneer de cijfers opnieuw tegenvallen. Want wie dat niet doet, doorbreekt het verhaal. En dat is in sprookjes nooit populair.
Maar sprookjes hebben één functie: ze laten zien wat er gebeurt wanneer niemand de waarheid durft te zeggen.
In Ulft loopt de keizer al vijftien jaar rond in een gewaad dat alleen in beleidsnota’s schittert. De financiële werkelijkheid is veel minder elegant. De resultaten zijn niet “prachtig”, ze zijn bizar slecht. Niet incidenteel, maar structureel. Niet onverwacht, maar voorspelbaar. Niet tijdelijk, maar hardnekkig.
En toch blijft de stoet juichen.
Misschien is het tijd dat iemand het zegt. Misschien is het tijd dat iemand wijst. Misschien is het tijd dat iemand fluistert wat iedereen allang ziet:
“De DRU heeft helemaal geen kleren aan.”
Henk van Garderen
Wilt u ook ergens op reageren? Mail dan naar redactie@geldersepost.nl










