Afbeelding

Hoe lang blijft de DRU een bodemloze put?

Opinie

Daar gaan we weer. Opnieuw lezen we dat de DRU Industriepark financieel in zwaar weer verkeert. De huur aan de gemeente wordt sinds juni niet meer betaald, de huurachterstand over 2024 en 2025 bedraagt inmiddels 1,2 miljoen euro en daar komt nu een nieuwe lening van 250.000 euro van de gemeente bij.

De vraag die steeds nadrukkelijker op tafel komt, is simpel: hoe lang gaan we hiermee door?

Volgens het artikel in De Gelderlander ligt een belangrijk deel van het probleem al in 2018. De subsidie aan de DRU werd toen gekort en vervolgens niet meer geïndexeerd, terwijl de gemeente tegelijkertijd meer huur ging vragen. Daardoor zou een financiële scheefgroei zijn ontstaan.

Dat is een relevante verklaring. Maar het verklaart niet alles. In 2024 en 2025 zou door de toenmalige directeur bovendien geld zijn uitgegeven dat er niet was. En nu blijkt dat het verwachte tekort bij de horeca in 2026 niet ruim 300.000 euro bedraagt, maar waarschijnlijk meer dan 600.000 euro.

Ondertussen blijft de gemeente geld beschikbaar stellen.

Eerst was er de bestaande lening van 100.000 euro. Nu komt daar 250.000 euro bij. Daarnaast wordt de huur opnieuw niet betaald. Dat betekent dat de gemeente niet alleen als verhuurder betrokken is, maar tegelijkertijd ook steeds meer financieel risico draagt.

Natuurlijk heeft de DRU een belangrijke culturele en maatschappelijke functie. Natuurlijk zijn er medewerkers, verenigingen, evenementen, theater, poppodium en andere activiteiten die niet zomaar verdwijnen.

Maar juist daarom is het tijd voor een eerlijk gesprek over de toekomst.

Wat is het totale bedrag dat de gemeente inmiddels in de DRU heeft gestoken of heeft moeten missen aan huur?

Hoeveel extra geld is de gemeente nog bereid beschikbaar te stellen?

En vooral: wat is het plan waardoor over één of twee jaar niet opnieuw om geld hoeft te worden gevraagd?

Het adagium dat de gemeente “veel voor weinig” krijgt klinkt aantrekkelijk. Maar uiteindelijk moet ook duidelijk worden wat dat “weinig” de belastingbetaler daadwerkelijk kost.

Een nieuwe lening lost een structureel probleem niet vanzelf op. Het verschuift het probleem naar de toekomst.

Daarom zou de gemeenteraad niet alleen moeten bespreken hoe het huidige tekort wordt gedicht, maar vooral moeten vaststellen waar de financiële grens ligt.

Want als ieder nieuw tekort opnieuw wordt opgelost met gemeentelijk geld, is de vraag niet meer óf er een bodem onder de put zit, maar hoe diep we die put nog willen maken.

De inwoners van Oude IJsselstreek verdienen daar een helder antwoord op.

Theo Wolters

Wilt u ook ergens op reageren? Mail dan naar redactie@geldersepost.nl

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant