Afbeelding

Column De Buitenstaander: De verzamelaar van verzamelingen

Opinie Aalten Dinxperlo

Ik was op een verjaardag en naast me zat een vermakelijke ironist die met gestrekt been elk gespreksthema ridiculiseerde. Als hij van mij een zwaar aangezet doch humoristisch weerwoord kreeg, leek hij daarvan te genieten en gniffelde aandoenlijk. Hij deed het erom. Sommige mensen houden van uitdagen en dan de volle laag terugkrijgen. Een soort masochisme.
Op het toilet lagen zeker tweehonderd kleine zeepjes, van over de hele wereld, in bonte inpakpapiertjes. Tien jaar was ze er nu mee bezig, zei de jarige Job.

De eerste had ze gekregen van haar zus uit Amerika en toen, zomaar ineens, was ze aan de collectie begonnen. ‘Eigenlijk,’ zei ze, ‘zou er een speciale kast voor gemaakt moeten worden, niet met lades, ja, misschien ook wel, voor de minst bijzondere zeepjes, maar ze horen er wel bij hoor!’ 

Een uurtje later zat ik kalmpjes te kakken en ik bedacht me dat ik wel honderd plekjes aan het water zou willen verzamelen en dat ik ze elke keer volledig kon voelen en ruiken, als ik ze in een vitrine kon stoppen. Ik zou er met mijn ogen dicht bij gaan staan en de eendjes groeten of over een schipper die langs vaart nadenken, over wat hij dan weer zoal denkt. Ik zou aan het einde van de zomer de ganzen bewonderen die in V-formatie vliegend rakelings over de golfjes scheren. Ik zou me, staand langs het water, ook kunnen laten bevliegen door libellen; als een imker die zijn bijen door en door kent zou ik daar staan, als een koning met niets anders aan zijn lijf dan de vliegjuwelen van moeder natuur, libellebroches. Ik zou zoveel kunnen verzamelen! 

‘Verzamel jij ook iets?’ vroeg ik wat later aan de ironist. Ik vermoedde dat hij iets uit zijn duim zou zuigen. Ik was er klaar voor. 

Hij antwoorde: ‘Oooh, werkelijk van álles.’ 

‘Wat dan zoal?’ 

‘Gewoon, van alles.’ 

‘Aha, dat is een hele boel, en mooi voor mij! Ik verzamel namelijk mensen die verzamelingen verzamelen. Jij bent pas de tweede hoor. Ik ben net bezig. Die andere persoon heeft 216 verzamelingen. Onder andere 28.000 winkelwagenmuntjes, 300.000 postzegels,10.000 reclamebankbiljetten en 4.000 consumptiepenningen. Allemaal verzameld en gesorteerd in 290 laatjes, 130 albums en 85 vitrinekasten. Dat was in 2020 hè! ‘t Mooist vind ik hoe het ooit allemaal is aangevangen. Achteloos bijna. Hij was 12 en lag met een gebroken enkel in bed, en toen kwamen de buurmeisjes langs met een suikerzakje, een sigarenbandje en een postzegel. Die dag was de genesis van zijn verzamelvreugde. En nu heb ik hier jou gevonden. Wat een geluk!’

Hij keek me aan alsof ik niet goed wijs was. ‘Hij heeft inmiddels een privémuseum, dat het Drentharium wordt genoemd. Had ik gezegd dat hij Geert Drenth heet?’ 

‘Eh, nee…’

’Dat moet voor jou als ‘verzamelaar van álles’ een goudmijn zijn joh! Ik snap dat! Ieder geliefd voorwerp is een middelpunt van een paradijs, zeggen ze. Wil je z’n 06-nummer?’ 

‘Eh, hoeft niet…’ 

‘Heb ik ook niet haha.., die verzamel ik niet.’

Naschrift: Geert Drenth bestaat echt. Het Drentharium ook.

Tekst: Rocco Ostermann

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant